Een kleine bekentenis. Ik krijg steeds meer een hekel aan taalpuristen. Aan mensen die anderen continu lopen te verbeteren op als/dan verwarringen, Frisismen, Friezen die blijven wijzen op omgedraaide werkwoorden (het zogenaamde vernederlandsen van je zinnen) en mensen die zeiken op bepaald, al dan niet, populistisch woordgebruik. Dat soort mensen zijn zelfpijpers die verwoede pogingen doen om intelligent te lijken door een ander naar beneden te halen. Er is natuurlijk niets in de wereld gaande dat stompzinniger is dan een taalfout.
Een kleine bekentenis. Ik lees, na een pauze van bijna drie jaar, weer fanatiek. Ineens liggen er weer minimaal twee of drie boeken op mijn nachtkastje die ik tegelijkertijd (ja, afwisselend van elkaar) aan het lezen ben. Ik heb een inhaalslag te maken. Ik lees Ytsma, Ter Linde, Siebelink en dit weekend ook Cornelisse. Binnenkort trouwens wéér Ytsma, maar daarover een volgende keer meer.
Een kleine bekentenis. Na zo'n dikke honderd pagina's vind ik 'Taal is zeg maar echt mijn ding' een kutboek. Dat komt omdat ik stiekem een originaliteitspurist ben en als ik zes keer eenzelfde soort column heb gelezen echt helemaal klaar ben met dat onderwerp.
Een column is voor een keer in de week leuk. Dan heb je niet het gevoel dat je stiekem gewoon een herhaling van een herhaling zit te lezen, dan kun je steeds gebruik maken van het aloude 'variaties op een thema' en blijft het hilarisch, scherpzinnig en gevat. Ga je die columns daarna bundelen dan wordt die eeuwige herhaling van hetzelfde te pijnlijk duidelijk en word je een zelfpijpende azijnpisser in de categorie Yvonne Kroonenberg en Michael Moore.
Een kleine belofte. Al mag u hier eens wat ouder werk van mij lezen "huh? Ja dit heb je al eens eerder gelezen." Ik ga nooit, ooit in dit en een volgend leven een boek uitbrengen. Die ergernis wil ik niet op iemands nachtkastje hebben liggen.